Nieuws

‘Nieuwe kansen voor NL-maakindustrie’

De post-coronatijd biedt nieuwe kansen voor de Nederlandse industrie. Wel zijn dan robuustere ketens nodig, waarbij ketenpartners digitaal gekoppeld zijn en de productie flexibeler en C02-neutraler wordt. Dat staat in het Smart Industry white paper – Flexibeler robuuster en slimmer werken van het Team Smart Industry.

Het white paper schetst enkele lijnen waarlangs de Nederlandse hightechindustrie haar leidende positie in de wereld – ook na corona – kan behouden. Volgens het Team Smart Industry is blijven investeren en innoveren de enige weg vooruit.

“Want alleen door slimmer te werken met de inzet van nieuwe technologieën zijn we in staat om onze productiviteit en wendbaarheid te vergroten”, zegt Team-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink.

“En op die manier kunnen we ook onze innovatie blijven financieren. Betrek je mensen, gebruik de innovatie- en de veerkracht van je organisatie. Blijf leren en experimenteren.”

‘Robuuster, flexibeler, slimmer’

De coronacrisis heeft in ieder geval geleerd dat een global supply chain zwakke plekken kent, stelt het white paper. Korte robuustere ketens lopen minder risico.

En om flexibel te zijn moet toegewerkt worden naar een robuust en dynamisch Europees productienetwerk. Dit alles biedt ook kansen voor Nederlandse toeleveranciers.

Bedrijven zelf dienen flexibeler (snel kunnen reageren op veranderende vragen van de klant), robuuster (statusinzicht krijgen in de hele keten) en slimmer worden (bijscholing van personeel in digitale kennis en vaardigheden).

Onderhoud/diensten op afstand

Het oppakken van werken op afstand, zoals tijdens de lockdown, kan ook worden doorgezet in de vorm van onderhoud en dienstverlening op afstand. Bijvoorbeeld met augmented reality en virtual reality. Dat bespaart reistijd en verhoogt de productiviteit. Maar dat vereist vaak ook meer sensoren, dataverzameling en data-analyse.

Ook ontstaat de discussie om over te gaan naar een servitization-businessmodel. Waar de OEM’er van nu nog eigen productie heeft, zal dit verschuiven naar het leveren en verbeteren van een dienst. De productie zal steeds vaker worden uitbesteed aan toeleveranciers.

Om mee te bewegen met de nieuwe tijd moeten bedrijven ook investeren in de digitale kennis en kunde van hun werknemers. Dat is essentieel om te blijven innoveren in een wereld van data en kunstmatige intelligentie.

Stappen voor de korte termijn

Voor de korte termijn wijst het Team op digitaliseren waar het kan.  “En investeer in het leervermogen en de vaardigheden van je medewerkers zodat je binnen je fabriek verder kunt automatiseren en robotiseren.”

“Zorg dat je kosteneffectief kleinere series snel kunt produceren. En zorg dat je over je hele up- en downstream productienetwerk digitaliseert, onder meer door gebruik te maken van communicatiestandaarden en betrouwbare data-uitwisseling.”

Hoe? Daarbij zijn volgens het Team twee dingen belangrijk: eerst weten waar je naartoe wil, en dan gewoon beginnen.

‘Inclusiever samenwerken’

Als het lukt om brachebreed te realiseren wat in het white paper staat beschreven, wordt volgens Dezentjé Hamming-Bluemink “pas écht een nieuwe werkelijkheid gecreëerd met een flinke boost voor de economie.”

“Een hightech en circulaire industrie met robuuste en zeer flexibele ketens, verbonden met een internationaal netwerk van smart factories in Europese regionale ecosystemen, waarin we nog intensiever, maar ook inclusiever samenwerken”.

‘Naar vrijwel autonome, digitale ketens’

Het gaat daarbij om betrouwbare, vrijwel autonome, digitale ketens die met slimme datatechnologie veilig kunnen simuleren en die transparant zijn voor alle partijen. “Samen met kunstmatige intelligentie vormen ze het nieuwe fundament onder de maakindustrie van de toekomst.”

Het Team Smart Industry ziet dit als “ons nieuwe exportproduct” dat de sector bij een volgende crisis “niet alleen minder kwetsbaar zal maken, maar ook borg staat voor voldoende welvaart en een samenleving met een interessant toekomstperspectief”.

Skills programma’s

De Smart Industry-fieldlabs worden uitgebreid met skills programma’s die beschikbaar komen voor alle maakbedrijven in een regio.

Daarom komen er in de regioclusters van fieldlabs ook ‘Smart Industry Hubs’. In die hubs is er, naast technologie en skills, ook ruim aandacht voor de ontwikkeling van de randvoorwaarden voor een wendbare organisatie.

“De huidige uitdaging is om te groeien van de 600 bedrijven die nu volop met Smart Industry bezig zijn naar 6.000, 30.000 en uiteindelijk 60.000.”

White paper

(pdf, 21 pagina’s)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven