De energierekening van een gemiddeld maakbedrijf in Nederland steeg de afgelopen drie jaar fors. Dat dit de marges uitholt, is geen nieuws. Wat minder duidelijk op het netvlies staat: energiekosten zijn niet het enige probleem. In elke fabriek lekt er stil geld weg door kosten die nergens op een factuur verschijnen.

Expert-blog
Door: Lissa Verhoog, Senior Product Marketing Manager bij ECI Software Solutions
Industriële energieprijzen in Europa, en al helemaal in Nederland, liggen structureel hoger dan in bijvoorbeeld de Verenigde Staten of China; een direct gevolg van het wegvallen van Russisch gas na 2022. Eind 2024 werd in Nederland ook een kortingsregeling voor grootverbruikers afgeschaft, terwijl andere Europese landen dergelijke regelingen gewoon in stand houden. De concurrentieverhoudingen op dat vlak zijn dus al scheef, en dat gaat ook niet snel veranderen.
Daarbovenop zijn er verborgen kosten. Ze zitten niet in het facturatiesysteem, maar ze zijn er wel. In de order die drie dagen op de vloer wacht omdat iemand de verkeerde revisie van een tekening heeft. In de machine die al draait terwijl het materiaal er nog niet is. In de spoedaankoop van een onderdeel dat vier keer de normale inkoopprijs kost, terwijl datzelfde onderdeel veel goedkoper ook voor tien andere orders ingekocht had kunnen worden, maar niemand het benodigde overzicht had. In de offerte die verloren ging omdat er drie dagen te laat is gereageerd, of die weliswaar gewonnen werd, maar met een marge die achteraf niet klopte.
De scherpste offerte wint
De Nederlandse maakindustrie staat al jaren op rij onder druk. Geopolitieke spanningen, handelsbarrières, hoge inputkosten. Wachten tot de storm overwaait is geen optie, want dit is de nieuwe standaard. En in die nieuwe standaard geldt één harde wet: de marge die je nu verliest aan inefficiënte processen, verdien je niet meer terug.
Wachten op betere tijden is geen strategie. Scherper opereren wel. Die scherpte begint eerder in het proces dan de meeste bedrijven denken: bij de offerte. Want wie wint in een markt waar alle concurrenten kampen met dezelfde hoge energieprijzen, dezelfde personeelskrapte en dezelfde materiaalprijzen? Dat is degene die als eerste weet wat een order écht kost. En dat weet vóórdat de handtekeningen worden gezet, niet erna.
Calculeren op basis van een gevoel of ervaring werkt misschien als je genoeg winst maakt. In een markt met smalle marges is het Russisch roulette. Goede ERP-software maakt dan het verschil door historische orderdata te vertalen naar scherpere calculaties. Wat hebben vergelijkbare orders in het verleden echt gekost? Waar zaten welke uren in? Wat was de werkelijke doorlooptijd? Die informatie ligt in elk bedrijf opgeslagen, maar zonder het juiste systeem zijn deze data ontoegankelijk op het moment dat het er het meeste toe doet.
Bijsturen in plaats van verklaren
Maar daarmee is het nog niet gedaan. Want datzelfde geldt voor wat er gebeurt nadat de order gewonnen is: realtime nacalculatie. Zodat je kunt zien waar geld weglekt terwijl de order nog loopt. Dat is het cruciale verschil tussen bijsturen en verklaren. De meeste bedrijven verklaren nog achteraf waarom het mis ging. De nacalculatie bevestigt slechts wat iedereen al dacht: het had scherper gekund. Maar de order is al gefactureerd, de marge is al verdampt. Als je dat realtime tijdens het proces kunt doen, kun je nog ingrijpen.
De energierekening van buiten is een gegeven. Maar die verborgen kosten, daar kies je voor. Maakbedrijven die bewust kiezen voor procesbeheersing en datagedreven (na)calculatie, nemen een voorsprong op de concurrentie. Omdat ze scherpere offertes kunnen geven, beter kunnen plannen en preciezer zijn in hun nacalculatie. Voor, tijdens en na het productieproces.

